Objectenasiel

Sinds de intensieve verbouwing van Quinta Ninho d’Águia, sijpelt een vergeten hobby weer mijn leven in; het struinen door verticaal opgestapelde meuk in de lokale rommelwinkel. Op zoek naar dat ene ding dat zich uit de chaos weet te schreeuwen.

Verbouwing en interieur gaan in mijn huidige leven samen, want ik heb wat appartementen te vullen. Althans, die reden maak ik mijzelf wijs .
Ik ben slechts een materialist die objecten asiel geeft, om zijn verveelde zintuigen te voeden door een eclectische speurtocht tussen verlaten rommel.

Ik heb jaren lang op de PC-Hooftstraat in Amsterdam gewerkt, en de kruidenierswinkels verdrongen zien worden door Prada, Chanel en Louis. Alles was en is even mooi.
Prachtig, tot in de perfectie. Maar… het is te goed.
Mijn hart moet juist een sprongetje maken tussen afgrijzen en onaffe praaltjes. Iets moet niet kloppen, zoals de koude douche na een sauna. Soms komt het praaltje met blinkende cartoon-sterren onder een stapel kampgordijnen vandaan. Soms wordt een praaltje een praaltje als ik het met mijn ogen dicht combineer met het asiel op onze zolder.

De rommelwinkel is een slagveld aan vergeten herinneringen. Maar ik pel me net zo lang door de loods heen, totdat ik onder de stoffige jurken en zwanenhals-lampen iets vind. Iets dat me de rush geeft, als die van een koude douche.

 

De zoektocht naar authenticiteit

Zoals ik me bij de start van de verbouwing voelde, zo voel ik mij nog steeds; als een klein meisje dat voor de eerste keer een brood bij de bakker gaat halen, met een briefje in haar hand.
De zenuwen gieren door het lijf, net voordat ze over de drempel stapt. Het briefje is verfrommeld door de natte handjes en onleesbaar geworden, maar toch stamelt ze dapper uit: Een half gesneden Tijgerbrood” .

Ik heb nog nooit een huis verbouwd. Wel eens een muurtje zien breken en een nieuwe zien ontstaan. Maar nog nooit een echt huis van onderaan tot boven, van fundament tot dak, zonder riolering en fatsoenlijk werkende elektra. En al zeker niet in Portugal, in een cultuur die heel anders denkt over schoonheid dan ik. Die het liefst al die oude meuk naar beneden haalt en er een nieuwe bakstenen muur voor in de plaats zet.
Als de dood ben ik dat de werkmannen gaten in mijn geliefde wijnpersmuurtjes slaan. De aannemer moet knettergek worden van mijn behoud-teksten op die dingen, en natuurlijk zijn ze hartstikke onpraktisch, maar het zijn juist díe muurtjes die dit huis maken. Het is mijn taak om, als nieuwe eigenaresse, het gevecht tussen authenticiteit en nieuwbouw aan te gaan en te bewaken.

Weer kom ik iedere dag met een papiertje aan, nu wat minder verfrommeld en niet met het type brood erop, maar met ideeën over hoe ik het nieuwe in het oude huis wil zien. En iedere volgende dag ben ik weer dat kleine meisje; zenuwachtig om te zien of dat idee wel goed heeft uitgepakt.
Meestal wel.
Soms ook niet.
En heel soms loopt het slecht uitgepakte idee uit op een nieuw en eigenlijk béter idee, waardoor je weer een andere weg inslaat, die je dáárvoor niet hebt kunnen voorzien.

De verbouwing van dit huis frustreert me; het geeft me een duw, maar neemt me ook liefelijk en streng aan de hand. Het confronteert me met de imperfecties; elke keer wanneer ik denk dat ik eruit ben, krijg ik een emmer ijskoud water over me heen en voel ik me weer heel klein.
Alsof het weet dat ik het nodig heb om mijn hoofd te breken over de imperfecties, want perfectie verveelt me en zou me in slaap doen vallen.

Deze verbouwing en alles wat daarbij hoort, is een organisch proces. Terwijl dingen dreigen te mislukken, dwingt het me tot nieuwe ideeën.
Zonder deze strijd zou het ook nooit van mij kunnen zijn, maar slechts een stel muren, gaten en een dak erop, zoals dat van ieder ander.

Deze verbouwing is een zoektocht naar authenticiteit en onderhevig aan de tijd, de tijd waar tot aan de laatste dag geen eind aan komt.
Want ik zal nooit af zijn. En wanneer ik denk dat ik af ben en de laatste steen is gelegd, krijg ik vast een knipoog… en begint dit mooie avontuur weer opnieuw.

 

verbouwing_6verbouwing_1verbouwing_7verbouwing_3verbouwing_5verbouwing_2

 

 

Bouwval gezocht… Droom gevonden.

Schuddend en tollend in een rollercoaster flits ik samen met mijn leven door een steeds smaller wordende tunnel. Hoe smaller de tunnel, hoe sneller ik er doorheen geperst word. Dit keer is het een tunnel waar ik nog heel lang in door wil blijven sjezen.
Een feelgood-tube, die de slagroom als een toefje op de taart spuit.

Ik heb een bouwval gevonden! En dat klinkt wat dubieus. Maar dit is zo’n bouwval waar je letterlijk heel je leven je hart op kan halen. Een huis dat met je meegroeit tot je zo verweven bent, dat je niet meer zonder elkaar kunt. En hoe leuk is het om dit gevoel te kunnen delen met de rest van de wereld. Om de wereld in de vorm van gasten te ontvangen, en hen een warm (vakantie-) nest te kunnen bieden…
Dat kan nu, want Quinta Ninho d’Águia is geboren.

Wijnboerderij

Deze Quinta, ofwel wijnboerderij, staat in het plaatsje Ninho de Águia (betekenis: adelaarsnest), gelegen in een landelijk, vruchtbaar en heuvelachtig gebied.  Het ligt 15 kilometer van de kust en 100 kilometer boven Lissabon. Ninho de Águia is een gebiedje  wat hoort bij het dorpje Évora de Alcobaça, dat weer onderdeel (freguesia) is van de stad Alcobaça.
De quinta bestaat uit vier gebouwen, geplaatst in een vorm van een hoefijzer, met middenin een grote patio. De patio heeft een opening naar de grote tuin toe, en als je deze tuin doorloopt, kom je uit in een vallei.
Ik zal proberen een beeld te schetsen van de staat waarin het huis nu verkeert.

Het hoofdhuis

Ninho-2-2
Woongedeelte hoofdhuis

Éen van de gebouwen is het hoofdhuis, eigenlijk nog in goede staat, maar door de gipsplaten plafonnetjes, de hokkerige ruimtes en de dichtgekalkte natuurstenen muren, valt het voor mij net zo goed onder de afdeling werk aan de winkel. Dit huis heeft naast de woonkamer nog een kamer waar hoogstwaarschijnlijk de keuken gaat komen. Via de keuken neem je een trap naar de zolder, net zo groot als de hele benedenverdieping, waar de slaapkamers gaan komen.
Na het uitbreken van binnenmuurtjes en het deels vervangen van de buitenmuur door grote openslaande deuren, heb je een werelduitzicht over de tuin en de vallei. Met in de verte het toekomstige zwembad.

Het ovenhuisje

NINHO-11
Het ovenhuisje met in de rechtermuur het oventje

Aan het hoofdhuis zit een aanbouw. Een soort schuur met natuurstenen muren van een halve meter dik, met daarboven een vervallen dak waar nog spinnenwebben met gevleugelde lijkjes aan bungelen.
Achter dit organisch gebeuren vind je in de hoek een schattig oventje. Zo een waar je de hele keuken op aanpast en meteen een pizza in wilt gooien.
Met nog een uitbouw voor de slaapkamers, en het verhogen van het lage dak, wordt dit één van de mooiste accommodaties.

NINHO-7
Het ovenhuisje
Ninho-14
Verwilderd uitzicht vanaf het ovenhuisje

De Adega

NINHO
Adega met wijnpers en wijnopslag

Het gebouw daarnaast, dat haaks loopt op de uitbouw, is de eerste Adega*. Een hoge ruimte met in mijn fantasie grote deuren naar de voortuin, en nog iets groteren naar de patio toe.
Of doe eens gek, misschien wordt de hele wand wel een deur, met daarachter een veranda.
De wijnpers met de bijbehorende wijnopslag blijft en wordt zo aangepast dat het geïntegreerd wordt met het woongedeelte.

NINHO-2

Naast het woongedeelte is nog een ruimte, dat met enige aanpassing een slaapkamer kan worden. Met constructief vakwerk komt er nog een slaapgedeelte bóven deze kamer.

* De verschillende gevonden betekenissen van het woord adega zijn: wijnkelder, wijnhuis, wijnmakerij, wijndomein… Iets met wijn dus.

Natuurstenen huis

Ninho-4-2

Als je even doorloopt kom je bij het laatste gebouw, dat weer haaks loopt op de zojuist beschreven adega. Een uit natuursteen opgetrokken pand, dat opgedeeld is in een tweede adega en aan de andere kant een stalletje met een plafond op kabouterhoogte.

Deze tweede, kleinere adega, heeft net als de eerste ook een wijnpers en een wijnopslag. Op dit gebouw ben ik op slag verliefd geworden; de natuurstenen muren, de geschiedenis, het karakter en op het verval, wat het bij mij altijd goed doet.
Als ik op vakantie ga, zou ik dit willen. Verblijven in een knus en authentiek appartement als dat dit gaat worden, waarbij je bij het openen van de deuren, met je kop koffie in een zomerjurk uitkijkt op een weids uitzicht over de vallei, en de vogels hoort fluiten. Even je WhatsApp op stil en dat zwoele briesje door je hoofd laten gaan. Vakantie!

NINHO-8
De tweede adega met wijnpers en wijnopslag

Het tweede deel van dit natuurstenen huis is op dit moment niet bedoelt voor de mens met de hoge hak. Maar met een plafondverhoging, hoge deuren en een kleinschalige open loft-indeling, wordt dit straks een studio met een waanzinnig uitzicht over de tuin en de vallei. Doordat dit deel van de tuin nog wild begroeid is met bomen, heb ik geen foto’s van het uitzicht kunnen maken. Wanneer de bouw gaat beginnen, wordt ook de tuin aangepakt.

Van alle accommodaties worden de privé-terrassen zo geplaatst, dat ieder zijn eigen unieke uitzicht heeft over de grote tuin en over (een deel van) de vallei. Door in de hoefijzervorm geplaatste gebouwen, heeft iedere accommodatie zijn privacy. Heb je wel behoefte aan gezelschap dan neem je plaats aan één van de tafels bij de buitenkeuken, of zoek je een zitje op een van de gezamenlijke terrassen in de vallei, of bij het zwembad.

Een vallei met fruitbomen

Het hele gebouw staat op een romantische helling met daar omheen een flink stuk grond gevuld met verschillende (fruit-) bomen, zelfs een met een antieke vrucht, waarvan ik de naam elke keer vergeet. Als je naar de andere kant van de vallei wilt lopen, loop je via een licht hellend pad naar beneden, langs verhoogde terrassen met een afscheiding van dezelfde natuurstenen als dat het huis rijk is.

NINHO-10
Pad naar de vallei
NINHO-23
Terrassen van elkaar gescheiden door natuurstenen muur

Naast de tuin is ook de vallei gevuld met fruitbomen. Voor zover ik weet zijn dit kersen-, peren-, appel-, walnoot-, olijf-, “Ginja”-bomen (die van de kersenlikeurtjes) en mandarijnbomen, … dus ik denk dat onze gasten in het fruitseizoen niet gelegen zullen zitten om vers geplukt fruit uit de tuin.

Op het laagste punt, verstopt achter de nu nog metershoge riet en bramenstruiken, kabbelt een liefelijk klein beekje in een bed van natuursteen.
Het beekje komt ons deel van de vallei binnen via een inimini watervalletje. Een plekje dat vraagt om een terras, waar je samen met je boekje, wijntje en zojuist geplukte kersen, kunt genieten van de laatste uren van de dag, luisterend naar het vallende water.

Adega nummer 3?

Aan de andere kant van het beekje en woesternij, staat nóg een bouwval. Een gebouw uit 1937, bedolven onder alles wat groeit. Als het goed is, is dit bouwsel nog een adega. Een die ik nog niet gezien heb, want je moet Tarzan zijn of écht hele lang benen hebben om er te kunnen komen. Wanneer we het eerste deel van het project verwerkt en bewerkt hebben, kom ik op dit stukje terug.

Levensproject

NINHO-15

Dit levensproject vergt tijd, inleving en vakkundigheid van derden.
Een project waar je even voor moet gaan zitten. Een project waarvoor ik definitief afscheid moest nemen van mijn appartement in Amsterdam om het te kunnen bekostigen.

In de tussentijd bereid ik me voor op alles wat gaat komen en leef in een ongekende dimensie. Een time-zone waarin ik een wazige projectie op het huis kan zien, van hoe het uiteindelijk zou moeten worden.
Het is een hemels gevoel waarvan ik niet wist dat ik dat, beladen met vliegen-lijkjes na een rondje huis, kon voelen.
En het lijkt erop dat alles wat ik in mijn leven gedaan en geleerd heb, slechts een voorbode was van de keuze die ik nu gemaakt heb.

Ik krijg de kans mijn droom te leven…